Onderzoek & cijfers
SPARK-onderzoek: transgender autistische tieners lopen duidelijk hoger risico op depressie
Een nieuwe analyse van het grote Amerikaanse SPARK-autismecohort laat zien dat transgender en genderdiverse autistische adolescenten veel vaker een depressie hebben dan hun autistische leeftijdsgenoten die dat niet zijn — een verband dat overeind bleef na correctie voor andere risicofactoren.

Onderzoekers verbonden aan onder meer Columbia University hebben binnen het Amerikaanse SPARK-cohort — een van de grootste lopende onderzoeksdatabases naar autisme, met tienduizenden deelnemers — specifiek gekeken naar de geestelijke gezondheid van autistische tieners die transgender of genderdivers zijn. De uitkomst is opnieuw een signaal dat deze specifieke groep extra aandacht verdient, juist omdat de combinatie van autisme en een genderkwestie de klinische beoordeling ingewikkelder maakt.
Wat de onderzoekers deden
Het team selecteerde uit het SPARK-cohort 9.027 autistische adolescenten van 13 tot 17 jaar. Van hen identificeerden 36 jongeren zich als transgender of genderdivers. Dat is een klein aantal in absolute zin, maar het is precies deze ondervertegenwoordigde groep die in veel eerder onderzoek buiten beeld blijft omdat aparte analyses simpelweg niet worden gemaakt. De onderzoekers vergeleken de aanwezigheid van depressie en andere diagnoses tussen deze 36 jongeren en de rest van de autistische deelnemers, en corrigeerden daarbij voor bekende risicofactoren zoals leeftijd, geslacht bij geboorte en gezinsgeschiedenis van psychische problemen.
Een duidelijk verhoogd risico op depressie
Na correctie voor die andere factoren bleef transgender of genderdiverse identiteit een zelfstandige, statistisch significante voorspeller van depressie: de kans op een depressiediagnose was ongeveer vier keer zo hoog (odds ratio 4,01; 95%-betrouwbaarheidsinterval 1,87–8,67) als bij autistische leeftijdsgenoten zonder die identiteit. Van alle onderzochte psychische diagnoses was depressie de enige die na correctie voor meervoudig testen overeind bleef — angststoornissen en andere diagnoses lieten geen significant verschil zien. De onderzoekers noemen het gevonden effect qua omvang vergelijkbaar met het hebben van een familiegeschiedenis van depressie, wat aangeeft hoe zwaar dit meetelt naast al bekende risicofactoren.
Meer inwaarts gerichte problematiek
Daarnaast bleek dat transgender en genderdiverse autistische tieners meer zogeheten internaliserend probleemgedrag laten zien — denk aan piekeren, teruggetrokken gedrag en somberheid — dan zowel niet-transgender autistische leeftijdsgenoten als transgender jongeren zonder autisme. Die stapeling van twee kwetsbaarheden (autisme én een genderkwestie) lijkt dus niet zomaar op te tellen, maar elkaar te versterken op het vlak van depressieve klachten.
Wat dit betekent voor de praktijk
De onderzoekers benadrukken zelf dat de groep van 36 jongeren klein is en dat vervolgonderzoek met grotere aantallen nodig is om de bevindingen te bevestigen. Toch is de boodschap aan behandelaars die met autistische jongeren werken duidelijk: wie in deze groep een genderkwestie signaleert, moet extra alert zijn op depressieve klachten en die actief navragen, in plaats van te veronderstellen dat somberheid vanzelf verdwijnt zodra een genderidentiteit erkend of bevestigd is. Het onderzoek onderstreept daarmee opnieuw dat autisme en genderdysforie niet los van elkaar te beoordelen zijn, en dat zorgvuldige, brede diagnostiek — met oog voor onderliggende mentale klachten — belangrijker is dan een snelle, enkelvoudige verklaring.

Nienke Vogelaar
Redactie
Pereira, Ramos, Green Snyder, Veenstra-VanderWeele & Jutla
Onafhankelijke redactie die peer-reviewed onderzoek, systematische reviews en officiële rapporten toegankelijk samenvat. Informatief, geen medisch advies. Laatst bijgewerkt op 22 augustus 2026.
Veelgestelde vragen
Korte antwoorden op de vragen die het vaakst terugkomen.
Meer over Onderzoek & cijfers

Onderzoek & cijfers
Nieuwe review: autisme oververtegenwoordigd bij genderdysforie én bij transgenderklinieken
Een Poolse literatuurreview (2026) bevestigt dat autisme vaker voorkomt bij mensen met genderdysforie én bij bezoekers van genderklinieken, en pleit voor gespecialiseerde training van clinici. De review noemt zelf verhoogde risico's op angst, depressie en zelfbeschadiging, maar trekt daaruit vooral de conclusie dat affirmatieve zorg toegankelijker moet worden — niet dat er eerst zorgvuldiger gekeken moet worden.

Onderzoek & cijfers
Vijftien procent krijgt geen diagnose: wie zijn dat, en waar blijft de comorbiditeit?
Ongeveer een op de zes jongeren die bij een genderkliniek wordt aangemeld, krijgt de diagnose genderdysforie niet. Over die groep is opvallend weinig bekend, terwijl autisme en ADHD onder aangemelde jongeren sterk oververtegenwoordigd zijn. Wat weten we, en wat wordt niet gemeten?
Onderzoek & cijfers
Groot Amerikaans dossieronderzoek bevestigt sterke samenhang tussen autisme en genderdysforie
Een Amerikaanse studie op basis van dossiers van meer dan 750.000 personen in een regulier, niet-academisch zorgsysteem bevestigt een sterke samenhang tussen autisme en genderdysforie bij adolescenten, met meer depressie, angst en suïcidaliteit wanneer beide voorkomen.